PDA

Volledige versie bekijken : Antoon Dignef


JOURNEE
22 februari 2006, 05:07
WIELERSPORT ANNO 1935 ( Deel 2 )

door Wilfried Journée, Landense wielerfanaat uit 2006.

(werd geschreven in 2006 voor ONS LANDENS ERFDEEL Tijdschrift van de Geschied- en Heemkundige Kring van Landen VZW )


Sport is een spiegel van de maatschappij en daarom verdient ook dit facet van ons maatschappelijk bestel een waardige plaats in historisch- wetenschappelijk onderzoek .
( Prof. Dr Dries Vanysacker – historicus K.U.L.)


IV. EEN GROOT RONDERENNER .

FOTO 1 DIGNEF FOTO 2 DIGNEF

A. HISTOIRE DE LA COURSE AU SOLEIL - 1935.

De derde uitgave van deze rittenkoers werd ingericht door : Le Petit Journal, Marseille-Matin, en Le Petit Niçois. Aan de Azurenkust waren dat jaar al voorjaarskoersen gereden en Milaan-San Remo, gewonnen door Olmo was ook reeds voorbij . De wedstrijd is grootser dan toen Alfons Schepers uit Neerlinter en Gaston Rebry uit Wevelgem hadden gewonnen. Nieuwe sponsors, publiciteitscaravan, en meer journalisten zijn aanwezig. Tussen Parijs en de Côte d’Azur hopen de wielerliefhebbers op winst van een Franse renner. Er wordt gedacht aan de jonge René Vietto, klein van gestalte, maar zo groot geworden tijdens de Tour 1934, dat hij bekend is als “ Le Roi René” . Vietto is de Richard Virenque uit die tijd. Hij is een wonderboy die van groom in het Grand Hotel van Cannes opklom tot nationale sportheld.
-----------------------------------------------------------------------------------------------
1. Er zijn 9 merkenploegen ingeschreven. Ook individuelen mogen aantreden. Even buiten Parijs, aan Carrefour Pompadour, vertrekken 110 concurrenten. De eerste rit loopt naar Dijon, op 304 km. Ondanks die afstand is het spannend. Toine rijdt in zijn nieuwe trui van Colin-Wolber. Op de laatste klim geraken Leon Le Calvez, Gustave Deloor, en Luigi Barral weg. Zij bereiken de hoofdstad van Boergondië in die volgorde. Na de eerste dag is het duidelijk dat er sportief iets mankt. Tussen de individuelen zijn 12 renners van wie de kosten betaald worden door Essor, een filiale van Helyett. Zo heeft Vietto 19 helpers aan de start van deze koers. Voor Toine Dignef was het een triestige dag. De Franse zon scheen voor hem niet. Terwijl zijn sportdirecteur ploegmaat Marechal volgt, rijdt Toine in een derde groepje op het ogenblik dat zijn pedaal afbreekt . Niemand kan, wil of mag hem helpen. De Landenaar moet fietsen op één enkel been tot aan de meet. Hij bolt binnen op 14’38” als 31ste .
-----------------------------------------------------------------------------------------------
2. Begin van een prachtige dag. Nog met 104, op weg naar St-Etienne, hoofdstad van de industrie van de fiets. In het wijndorp Meursault, valt Buttafocchi aan. Twaalf renners ontsnappen, maar aan de bevoorrading eten zij rustig hun taartjes op, zodat het peleton terugkomt. Archambaud probeert het dan. Hij wordt weldra gecounterd door Dignef, Maes, Lowie, Faure en Louviot. Dat zijn serieuze hardrijders die samenwerken. Sportbestuurder Francis Pelissier komt iets in het oor van de koploper fluisteren, en deze vertraagt plots, maar hij laat de aankomende sneltrein voorbij rijden. Met 4’ voorsprong bereiken de aanvallers, na 184 km, “La Côte de Limonest”. Daar versnelt Toine Dignef plots . Op de top krijgt hij 1 minuut bonificatie als premie. Het peleton is verbrokkeld, maar goede klimmers hebben terrein gewonnen .Karel Van Wijnendaele staat langs de weg. ‘Koarle’ schreeuwt Toine toe dat hij moet wachten op de West-Vlaming Romain Maes van Alcyon. Maar, de dag voordien heeft niemand op hem gewacht, hem uit zijn nood geholpen. Daarom luistert onze brave Toine niet. Hij rijdt met de ‘koleire van een bezetene’. Aan km 211 volgt “ La Côte des Sept Chemins “. Dignef bereikt de top met 4’30” op Romain Maes , met 7’ op Speicher, Gianello en Faure, 9’ op Lowie, Vietto en Level. In twee dagen hebben de renners meer dan 500 km gekoerst. Het uur van de waarheid volgt nu. Opmerkelijk is dat “ Dignef, l’homme de tête” zijn voorsprong in de finale blijft groter maken. Hij krijgt aan de lijn nog een tweede minuut bonificatie. UN TRES BEL EXPLOIT wordt door vriend en vijand toegegeven. Er was geen tijdsgrens voorzien. Maar toch bereiken 28 renners het einde van deze rit niet. Aangenomen wordt dat velen niet genoeg getraind hadden, en dat het zware parkoers hen naar de schroothoop verwees. Tussen de renners die door Antoine Dignef naar huis werden gereden is er mooi volk : Rebry, Lapebie, Demuysere, Marcel Bidot, Archambaud, Le Calvez, 6 man van het befaamde Peugeot, en François Neuville, toen goed bekend te Attenhoven omdat hij daar een koers had gewonnen.

Uitslag van Dijon- St-Etienne 253 km :
1. Antoine Dignef in 6 u 47’ 07”
2. Romain Maes op 5’19”
3. Dante Gianello op 5’45”
4. Georges Speicher z.t.
5. Leon Level op 9’27”
6. René Vietto z.t.
7. Benôit Faure z.t.
8. Jules Lowie z.t.
9. Raoul Lesueur op 12’27”
10. Raymond Louviot op 14’06”
11. René Le Greves

Classement général : 1. exaequo : René Vietto (7 + 6) en Benoît Faure (6 + 7)
3. Antoine Dignef op 2’52” - 4. Raoul Lesueur op 3’ .

---------------------------------------------------------------------------------------------

3. ST-ETIENNE / AVIGNON 215 km .

De flamboyante Pélissier is niet in orde met zijn licenties 1935 . L’Union Vélocipédique Française wil orde in haar huishouden, en Francis moet tussen de toeschouwers gaan plaats nemen. De andere sportleiders, zoals Ludovic Feuillet, André Trialoux, Romain Bellenger, geven de Wielerbond gelijk, want zij zijn wel in orde. Grote ruzie, heibel en Franse koleire. Pélissier stapt het af, en ook 8 renners, uit zijn vriendenkring, doen hun lange pofbroek terug aan en demonteren hun koersfiets. Merkwaardig is vandaag dat twee renners starten in leiderstrui, Faure en Vietto. Met dikke benen, beklimmen de 68 overblijvers de Col de la République. Barral komt eerst boven. Te Pont-du-Rhône neemt Charles Berty het hazenpad. Er volgt een leuke situatie, want de twee renners in leiderstrui lossen het peleton, en achtervolgen hem. Zij halen het haasje in, maar houden dan de benen stil. Berty maakt zich kwaad en verdappert weer. Etenstijd te Valence, Benoit Faure, een pluimgewicht, pakt zijn ‘musette’ aan en komt ten val. ‘De muis ‘ verwondt zich en moet opgeven . Een beetje later geeft Berty zich over, terwijl ook Vietto de benen laat rusten. Hij heeft begrepen dat hij niet meer moet forceren. Na 200 km verdapperen 8 renners, waarvan 4 van Helyett en Vervaecke en Maes, van Alcyon. Te Oseraie versnelt Henri Puppo, een jonge renner uit de parfumstad Grasse. Hij wordt fel toegejuigd, en bereikt de finish als winnaar. Adrien Buttafocchi, de engelbewaarder van de 21-jarige Vietto, sprint zich tweede. Van Toine geen nieuws vandaag, maar in de Pepijnstad, in Café De Sportwereld, waar de vorige rit uitgebreid werd besproken, werden vele pinten gedronken.
-----------------------------------------------------------------------------------------------
4. AVIGNON – MARSEILLE ( 205 km ) .

Wegens verboden bijstand uit een auto die de koers volgt, wordt Granier uitgesloten. Op weg naar Cavaillon, vlammen de rijders serieus door. Ondertussen geeft Luigi Barral op wegens spierpijnen, en dat is een opluchting voor Vietto. Tussen de gastarbeiders uit de streek van Nizza, heeft Barral vele supporters, vele tifosi. Ook Joseph Magnani, een Italiaanse yankee, verlaat plots de wedstrijd. Te Saint-Remy de Provence nemen Marcaillou, Mithouard en Louviot voorsprong. Er is mistralwind en dat helpt de vluchters goed. Voorbij Arles liggen er kasseien. René Vietto moet daar stoppen, want zijn ketting is afgevallen. Dignef slaapt niet. Hij valt de leiderspositie zonder medelijden aan. Lesueur geeft vlug zijn fiets aan Vietto. Als derde in het klassement is hem dat verboden, omdat hij volgens de sportreglementen zijn eigen kansen moet verdedigen. Twee minuten straftijd. Dignef is weg, en ondanks de verenigde krachten van de Helyetters, titularissen en huurlingen, neemt onze renner mooi 1’ 16 “ terug. Het trio vluchters zal, op de velodroom van Parc Borely, voor de zege gaan spurten, maar nabij het einde heeft Marcaillou een platte band, zodat zij maar met twee het stadion binnenrijden. Louviot, de kampioen van Frankrijk, mag de armen omhoog steken.

Algemene Rangschikking na vier ritten .

1. René Vietto in 26 u 05’ 16”
2. Antoine Dignef op 1’ 36”
----------------------------------------------------------------------------------------------
5A PLOEGENTIJDRIT OVER 71 KM - MARSEILLE- TOULON

De ploegen zijn samengesteld door de vier besten van elk team. Andere kwartetten worden gevormd door de overblijvers. Er doen nog 49 renners mee. Nu Vietto de zoute lucht van zijn Méditerranée door zijn neusgaten krijgt, heeft hij trillende vleugels. De meeste ploegen vallen in stukken en brokken. Ploeg Alcyon heeft pech. Mithouard rijdt tweemaal lek.
De grootste pechvogel van deze ploeg is Romain Maes die zich te pletter rijdt tegen een autobus. Bij Colin is het vlug duidelijk dat Dignef zijn makkers meesleept. Tijdens de eerste beklimming al moet Marechal lossen, maar de ploegleider vraagt aan de drie Belgen om hem te wachten, zodat de groen-gelen al vlug tijd verliezen. De drie renners, die Vietto omringen, blijven op één lijn en sprinten voor de zege. Ook al is dit een ploegentijdrit, toch wordt de uitslag opgesteld als in een gewone wegkoers. Winst gaat hoe eigenaardig ook naar Lesueur, die de bonificatie van één minuut krijgt en alzo zijn penalisatie van de vorige dag wegwerkt. Dignef eindigt op de 5de plaats in deze voormiddagrit, samen met de gebroeders Deloor. Hij scoort 1’34” slechter dan Vietto, maar blijft tweede op 3’10”, een nog goede uitgangspositie .

-----------------------------------------------------------------------------------------------
5B. TOULON - CANNES 125 km .

Jean Marechal wil bewijzen dat hij de toprenner is en blijft van zijn team. Aan de start vliegt hij weg. Deze ‘chouchou ‘ van Colin-Wolber neemt vlug 500 m. Félicien Vervaecke, met zijn wilskracht, gaat op zoek naar Marechal . Daarna volgen Vietto en Dignef, op kop van een langgerekt peleton op weg naar de Col de Gratteloup. Paul Bianchi en de stoutmoedige belager van Vietto, de verrassende Dignef, verdapperen. Zij nemen 100 m op Level en G.Deloor, en 200 m op Vietto en Louviot. Er volgt een felle strijd doorheen Le Massif des Maures. Cogolin wordt door Vervaecke en Marechal bereikt met 2’ voorsprong. Deze korte halve rit is niet gemakkelijk, want nu komt nog de Estérel, gevolgd door een duik naar Cannes, dat wacht op René Vietto, het idool van de Azurenkust .In die Estérel lost Vervaecke zijn compagnon. Uit het groepje komen twee renners naar voren, Vietto en Dignef. Dit duel wordt gewonnen door de Landenaar. René Vietto, le Roi René, de winnaar van vier bergritten en de bergprijs in de Tour de France ( 1934) moet lossen ! Maar hij is een sportieve jonge kerel, een legendarische figuur uit de wielersport, een cocktail van Christophe, Poulidor, Virenque en Durand . Zelfs wanneer hij klop krijgt waar hij traint, beschaamd wordt gemaakt tussen rijen supporters, en diep heeft moeten afzien, verklaart deze man nog het volgende :
‘ D’un seul coup, au moment d’attaquer l’Estérel , j’ai senti mes jambes me refuser tout service. Je me suis raidi . J’ai serré les dents. J’en ai pleuré. Rien à faire ! Et Dignef qui s’en allait, là, devant moi . J’ai cru ne jamais arriver à Cannes. ‘ ( interview dans Le Petit Journal ) .
Op de hoogte van Les Adrets komt Vervaecke (Alcyon) boven met 2’ voor Marechal (Colin) en 4’30 “ voor Amberg, Dignef, en G.Deloor ( alle drie van de ploeg Colin), terwijl Sylvère Maes (individueel), Bianchi, Fontenay,Lesueur en Pierre Magne volgen op 5’30” , en nog later op 5’30” komen Vietto, Berty, Le Greves en F.Deloor. Dignef kan ook goed dalen. Even voor de eindstreep remonteert hij Marechal. Zo pakt hij de tweede plaats, wat hem 30” bonificatie oplevert. Vietto verliest 1’ 46”. Maar er zijn erge klachten over hem. Hij kan er niets aan doen, maar zijn dolle supporters duwden hem in de bergop. Meer nog, Ricardo Roux, een individueel, heeft hem ook geduwd en getrokken . De wedstrijdjury moet René Vietto straffen. Een massa volk wacht te Cannes op wat er zal worden beslist.

Rit uitslag :
1. Félicien Vervaecke in 3u 30’ 56”
2. Antoine Dignef op 3’08”
3. Jean Marechal z.t.
4. Leo Amberg op 3’53”
5. Sylvère Maes op 4’06”
en op de zestiende plaats volgt René Vietto op 4’54” .

Laat op de avond, tijdens het eten, komt het nieuws.

Ongeloofwaardig, maar toch officieel : . . . .
Vietto krijgt maar een mini-straf van 15” . – . . . . . .
-
Een andere renner zou een straf van 3 minuten hebben gekregen voor wat was gebeurd.

Classement te Cannes :

1. René Vietto 2. Antoine Dignef op 1’09” 3. Raoul Lesueur op 3’27” .

-----------------------------------------------------------------------------------------------
6. Laatste rit . CANNES - NICE 135 km .

Er blijven maar 42 renners in koers. Bergop naar Grasse toe verdappert Vervaecke tweemaal tevergeefs. Ook Philip en Bianchi, mogen niet weg. Georges Speicher, de wereldkampioen en Tour de France- winnaar van 1933, mag wel wat voorsprong nemen. Hij bereikt Nice en later Monaco, met een dikke minuut voorsprong op André Bertin van France-Sport. Op een heuveltje komen Dignef en Vietto weer samen in de vuurlijn, maar een groepje sluit vlug aan met hen. Te Menton komen ze dichter op Speicher , en op Bertin die nog steeds blijft rijden ‘ en chasse patate’ tussen de koploper en de achtervolgers. In de laatste gelederen spelen er zich drama’s af. Geloste renners zijn doodmoe en ontmoedigd. Zes opgevers nog, op amper één uur koers van het einde, op korte afstand van de citroenstad. Voor de eindzege wordt het alles of niets , in de beklimming van de Col de la Turbie ( km 11 8). Dignef valt aan, maar zijn fiets loopt niet zoals normaal. Vietto klimt gemakkelijk mee, een groot verschil met vorige dag. Ook andere renners blijven in hun gezelschap. Bertin valt volledig stil en wordt weldra gewoon ter plaatse gelaten. Vervaecke kan nog sneller klimmen en nadert Speicher tot op 1’20”. In de afdaling naar Nice smakt Toine Dignef tegen de grond, want zijn wiel plooit letterlijk , nadat verschillende spaken zijn gebroken. Hij komt te Nice aan met amper 8” op Vietto , die suf is van emotie en wordt rechtgehouden door Lesueur en Buttafocchi. Toine is geklopt, maar zijn leven lang, zal hij blijven rondlopen met het nare idee dat iemand uit eigen ploeg zijn wielen had gesaboteerd, door de spanning over de velgen ongelijk te verdelen en zelfs door met een ijzerzaagje het breken van zijn spaken uit te lokken. Dit ofwel in opdracht van het entourage van Marechal, die erg bang was zijn plaats als toprenner te moeten inruilen, ofwel in opdracht van Trialoux, van Helyett. Nooit heeft Toine een identieke pech gehad, niet voor die dag en nooit later, en de wet van Murphy was toen nog onbekend !

Van Vietto is geweten dat hij tijdens heel zijn leven van beroepsrenner, zijn fiets overal meenam . Zowel in een eetzaal als op een slaapkamer , en als hij op de W.C. zat of de krant las, of werd gemasseerd, dan was zijn stalen ros nooit uit zijn zicht. Niemand mocht zijn fiets aanraken en ook niemand mocht aan zijn schoenen komen, noch aan zijn bidons. Hij vertrouwde personne, want hij wist dat er rare pappenheimers rondliepen aan de Côte d’Azur.

Uitslag 6de en laatste rit :
1. Georges Speicher - 2. Félicien Vervaecke op 20” - 3. Raoul Lesueur op 2’15”
4. Jean Fontenay - 5. Robert Wierinckx - 6. Leon Level - 7. René Vietto - 8. Adrien Buttafocchi - 9. Antoine Dignef op 2’23” - 10. Leo Amberg - , enz. ….

( slechts 36 van de 110 renners die Parijs verlieten, bereikten de eindmeet .)

-----------------------------------------------------------------------------------------------
FOTO VIETTO

TOTALE ALGEMENE RANGSCHIKKING OVER DE 6 DAGEN

1. René Vietto ( F- Helyett-Hutchinson ) overwinnaar in 35u 23’ 14”
2. Antoine Dignef ( B- Colin-Wolber) op 1’17”
3. Raoul Lesueur ( F- Helyett-Hutchinson) op 3’27”
4. Léon Level ( F- Helyett- Hutchinson) op 7’33”
5. Adrien Buttafocchi ( F- Helyett- Hutchinson) op 10’ 17”
6. René Le Greves (F - Alcyon) op 11’11”
7. Georges Speicher (F - Alcyon) op 14’34”
8. Pierre Magne (F- France-Sport ) op 15’06”
9. Jean Fontenay (F- individueel) op 18’42”
10. Alfons Deloor (B- Colin-Wolber) op 23’00”
11. Gustave Deloor (B- Colin-Wolber) op 33’20”
12. Paolo Bianchi (I - Tendil) op 43’57”
13. Louis Halbourg (F- France-Sport) op 48’46”
14. André Bertin (F- France-Sport) op 49’55”
15. Albert Gabard (F- Individueel) op 53’44”
16. Sylvère Maes (B- Individueel) op 54’47”
17. Leo Amberg (Zw- Colin-Wolber) op 58’40”
18. Jean Marechal (F - Colin-Wolber) op 59’09”
19. Charles Berty (F- Individueel) op 1u 06’43”
20. Raymond Rege (F- Tendil) op 1u 06’59”
21. René Bernard (F- Helyett-Hutchinson) op 1u 07’50”
22. Felicien Vervaecke (B- Acyon-Labor) op 1u 17’34”
23. Remy Decroix (B)… 27. Robert Wierinckx (B)…. 36. (laatste) Jules Deschepper (B) .
-----------------------------------------------------------------------------------------

Celle van Teskens , insider van de wielersport anno 1935, vertelt het volgende :
Toine kwam thuis van Nizza. Maurice Vermeulen, sigaren en tabak, en de gebroeders Kostermans, twee sportcafés en samen de grote animators van ‘achter de statie’, hadden voor een praalwagen gezorgd waarop 21 jonge meisjes zaten en 42 gekleurde houten klompen waren vastgenageld. Een luxe-voiture trok een reuzenfiets met daar op een grote sprekende pop die le Roi René Vietto moest uitbeelden. Iemand kreunde onophoudend in een luidspreker “ Merci, merci, merci … Antoine “ Dat was nogal een receptie voor onze Landense wielerkampioen, toen hij hier uit de trein stapte. De dertienjarige Marcel kreeg toen de valies van Toine. Terwijl de renner omringd was door een massa supporters moest Celle die valies gaan afgeven aan Trees, Pelagie of Marie , van café Sportwereld , gelegen tussen de gendarmerie en de St-Gertrudis Kerk. Die valies mogen dragen was een zeer grote eer. Celle kreeg van Trees een pijl chocolade, die hij jarenlang bewaarde op zijn kamer, als een relikwie.

……… ( spijtig genoeg beschimmelde deze snoep) .

Celle van Teskens is een telg uit een familie die reeds zeer lang te Landen woont.
In het boek Archiefbeelden I van Georges Wemans , op de laatste blz. is hij de zittende jongen die in de Zijp aan het vissen is. In het boek Archiefbeelden II van Georges Wemans, op de blz. 75 , onderste foto, is hij het jongetje met het matrozenpakje aan (Marcel Simons). De bruid is niemand minder dan zijn moeder Clothilde Vrancken, en zo kreeg Celle een nieuwe vader, de latere burgemeester van Landen ( 1953-54) Louis Gillet .

* Ref : Dit verslag was enkel mogelijk door de informatie die kwam uit COUPS DE PEDALES – La Revue des archivistes et de l’histoire du cyclisme - nummers 78-79-80 .


FOTO TRUEBA FOTO CANARDO


** Ref: De volgende reportage over de Vuelta 1935 , werd gerealiseerd voornamelijk met informatie uit het Sportarchief Jos Van Landeghem - K.U.L. – 101, Tervuurse Vest, HEVERLEE - Documentatiedienst van de VZW Vlaamse Volksport Centrale – Doos 37 - Libro de Oro 1948 Vuelta Ciclista à Espana

Alsook via Internet ( o.m. www.memoire-du-cyclisme.net ) en met materiaal uit eigen verzameling.



(foto) Spaanse renners van voor de burgeroorlog .

B. DE RONDE VAN SPANJE 1935.
VUELTA CICLISTA A ESPANA
EL JERSEY NARANJA, SU PRIMER PORTADOR FUE EL BELGA ANTOINE DIGNEF VENCEDOR DE LA PRIMERA ETAPA EN VALLADOLID

MADRID 1935, in de ochtend van 29 april. De Ronde van Spanje komt voor het eerst in beweging op El Paseo de Prado. Een mooi peleton begeeft zich feestelijk dwars door het centrum van Madrid tot aan de Puerta de Hierro waar de officiële start plaatsvindt. Het nog nooit eerder geziene Vuelta-peleton wil vandaag Valladolid bereiken, maar onderweg wachten reeds vele moeilijkheden , zoals de Alto de Leon .

Reeds vanaf 1911 werd de Ronde van Catalonië betwist, maar een wielerkoers die heel Spanje aandeed, bestond nog niet . Niemand had zo’n Vuelta durven organiseren, omdat de wegen en de hotels barslecht waren, en ook omdat de fietsenindustrie beneden deze in andere landen was. Clemente Lopez, met de steun van Juan Pujol, eigenaar van een rechtse krant , was de man die zorgde dat deze eerste Vuelta, een werkelijkheid werd. Er zou worden gereden in de richting van de klok , met begin en einde te Madrid. Dit over 3.431 km in 14 ritten. Slechts uit Asturië-Galicië, waar politieke onrust heerst, blijft men. Als kleur voor de trui waarvoor zal gestreden worden, is gekozen voor appelsienkleur. Dus, niet het geel van de Tour en niet het roze van de Giro. Er staan 10 ritten van meer dan 250 km op het programma en er zijn drie rustdagen. Deze rittenkoers is goed bedeeld met prijzen en premies.
Er zijn 15.000 pesetas voor de algemene winnaar, 1000 pesetas voor de bergprijs, en de dagwinnaar strijkt 300 pesetas op. Een peseta was toen 4 franken waard. Een werkman was toen blij met 1.000 frank per maand. Overbelast programma in Frankrijk en Duitsland, Giro die te kort volgt, daarom willen de meeste ploegen zich niet naar Spanje verplaatsen. Maar pionier El Diario, de organiserende krant, wist de twee grootste Spaanse fietsfabrieken te overhalen. De helft van de deelnemers zal deze eerste Vuelta rijden op fietsen B.H. en de andere helft op materiaal van Orbea. Er moet hier ook geschreven worden dat geen enkele buitenlander aan het avontuur zou zijn begonnen, indien hij vooraf zou geweten hebben hoe zwaar deze koers wel zou worden. De fietsen die de renners moesten gebruiken waren slecht. De vele bandbreuken, door de renners zelf te herstellen, vervalsten de resultaten. Regelmatig moesten toeschouwers hun sportfiets aan renners lenen, omdat die hopeloos te voet stonden. De eerste Vuelta was een odyssee, een heldentocht.
De Spanjaarden hadden aan ploegleider Alfons Versnick gevraagd om met een flinke equipo te komen. Meerdere goede renners waren echter bang voor het onbekende, en weigerden een selectie. Maar Gust en Fons Deloor, Antoon Dignef, en hun Waalse kameraden Louyet, Gardier, en Adam, waren de dappere vrijwilligers. Met Versnick, een mekanieker en een masseur, namen deze zes renners de trein naar Madrid, twee dagen en één nacht ver. Daar kregen zij een fiets, een trui en wisselstukken, maar geen enkele peseta startgeld. Wel vielen alle reis- en hotelkosten ten laste van de organisatie. Onze jongens aten vooral wat zij zelf meebrachten, granen verwerkt in omeletten, en zij dronken er alle dagen verse geitenmelk. Van hun merk Wolber hadden zij grote hoeveelheden banden meegekregen. Als verzet was er op hun koersfiets slechts een kamwiel van 50 vooraan, in combinatie met 3 kroontjes in het achterwiel, 16,17,19. Al rijdend was het mogelijk te wisselen met de hand op de vlakte, maar bergop moest altijd van de fiets worden gestapt om kleiner te kunnen trappen.
Vijftig stoere kerels : 32 Spanjaarden, 6 Belgen, 2 Oostenrijkers, 2 Zwitsers, 2 Nederlanders, 4 Italianen, 2 Fransen. Volgens hedendaagse normen is dit aantal deelnemers laag, maar in april 1935 werd liever een sterk deelnemersveld gezien dan een groot peleton gevormd door een bende meelopers die waarschijnlijk zullen opgeven. Zo vertrokken in 1934 ook slechts 60 renners in de Tour , en 56 renners in de Ronde van Zwitserland.

De eerste aanvaller is Leo Amberg, maar hij krijgt ook als eerste een een lekke band. Op de Alto de Leon (eerste col tellend voor de bergprijs) tonen Barral, Ezquerra en Molinar zich. Te Villacastin komt een aanval van Dignef en Canardo. De Spanjaard valt plat, maar even voor het einde komt hij terug bij Toine. ‘ Los dos llegan juntos a la meta donde Digneff, mas rapido, se adjudica el triunfo ... , y con el EL JERSEY NARANJA .’

Rit 1. Madrid-Valladolid (191km):
1. Dignef 5.58.12 - 2. Canardo - 3. Valentijn op 1’48” - 4. Capella - 5. Bulla op 1’58” . De vijftigste en laatste is Piccardo en die reeds volgt op 1u 25’15”.

Rit 2. Valladolid-Santander (251km):
Het is een warme dag. Er worden grote verschillen opgetekend . Toine eindigt op 14 minuten en verliest de naranja-leiderstrui aan Antonio Escuriet. De zes zwakste renners gaven op.
1.Escuriet 8.43.37 - 2. Cardona op2’12” - 3. G.Deloor op 3’39”- 4. Alvarez

Rit 3. Santander- Bilbao (199km) :
Een groep van zes eindigt met 8’ voorsprong. Gustaaf Deloor verovert de leidersplaats en zal die niet mee afstaan. Ook in 1936 zal hij toeslaan vanaf de tweede rit om zijn meesterschap te bewijzen. Maar onze Toine is wel mee met de ontsnapten in deze race door Baskenland.
1. G. Deloor 6.43.09 - 2. Molinar - 3. Dignef - 4. Canardo - 5. V. Trueba -

Rit 4. Bilbao- San Sebastian ( 235 km) :
Barral komt op kop boven op de Alto de Urquiola, en Adam haalt het op de Elgueta. Met zeven wordt er gesprint op de kustboulevard voor het Kursaal van San Sebastian en het ongelooflijke gebeurt : de sterke niet-sprinter Toine Dignef is de rapste van alle klimmers.
Zes renners haalden de finish niet. Aantal overblijvers = 36 .
1. Dignef 7.28.49 - 2. Molinar - 3. Adam - 4. Canardo - 5. G.Deloor -

Rit 5. San-Sebastian - Zaragoza (264km): Tot aan de Puerto de Aspiroz wordt er gewandeld, maar dan gaat Barral voor de bergprijs.
Drievoudig drama voor de Spanjaarden : Montero heeft een ongeval, terwijl Fermin en Vicente Trueba (ziek) uit deze Vuelta stappen. Op de velodroom Torrero sprinten zij met 5.
1.Canardo 9.01.23 - 2. G.Deloor- 3. Adam - 4.Dignef - 5. Cardona - 6. Louyet

Rit 6. Zaragoza - Barcelona ( 310 km) :
‘Fatigados’ zijn de renners. Zij willen ‘descanzar’. Daarom is er maar een ‘escasa velocidad‘. Met spaarzame pedaalstoot rijden de Belgen, in goede verstandhouding. De Spanjaarden bekampen elkaar, verspillen krachten op de Catalaanse wegen. Zij zijn goed bergop, maar zeer slechte dalers.
1. Adam 9.59.22 - 2. Barral - 3.G.Deloor - 4. Dignef - 5. Bulla op 7”-

Rit 7. Barcelona - Tortosa ( 188 km ) :
Een koers zonder historie, eindigend op een massasprint. Alleen de onverwachte winnaar , Antonio Montes uit Sevilla kent het opperste geluk en de eer van de overwinning .
1. Montes 5.56.15 - 2. Canardo - 3. Bulla - 4- gelijk ( 29 overblijvenden).

Rit 8. Tortosa - Valencia (188 km ) :
Weer niets te melden op het Vuelta-front. Max Bulla valt, heeft ook bandbreuk, maar dat wakkert hem aan om de sprint van 22 renners te winnen. Gerrit Vande Ruit was enige weken daarvoor ook tweede geworden in de Ronde van Haspengouw te Landen. Dus, is Gerrit een bijna-winnaar uit de Pepijnstad.
1. Bulla 5.58.22 - 2. G. VanderRuit - 3. Canardo - 4. G.Deloor - 5. Cepeda

Rit 9 . Valencia- Murcia (265 km) :
De hele dag vallen zware regens, een uitzondering in Spanje. Dit zorgt voor zeer weinig strijdlust. Maar twee achterblijvers, en één opgever, 29 doornatte vuile renners gaan voor de sprint. Ook de zwaar gewonde Paolo Bianchi bereikt met heldenmoed, als een bloedende toreador, de finish.
1. Salvador Cardona - 2. Mariano Canardo - 3. Cepeda - 4. Figueras

Rit 10. Murcia – Granada (285 km) :
Een verschrikkelijke tocht over slechte wegen, in de regen, met veel beklimmingen . Peleton in vele stukjes verbrokkeld. Bergaf naar Granada reden zij als gekken, jonglerend met hun jonge levens. Toine komt wat later binnen en verliest zijn tweede plaats in het klassement.
1. Bulla 11.15.55 - 2. Adam - 3. Bachero - 4. Amberg - 5. Canardo -

Rit 11. Granada - Sevilla (260 km) :
Weer een regendag. Het is koud en er is veel wind. Het peleton blijft samen. Gust Deloor kijkt naar Canardo, en Canardo houdt Dignef in het oog. Niemand heeft goesting om te koersen. De wegen die soms onverhard zijn en dan weer zeer smal, zijn van bedenkelijke kwaliteit. Twintig man spurten voor de zege in het Parc Maria Louisa van de hoofdstad van Andalousië.
1. G. Deloor 9.59.03 - 2. Bulla - 3. Canardo - 4. Cardona - 5. Dignef

Rit 12. Sevilla - Caceres (270 km) :
Deze slopende rittenwedstrijd loopt ten einde. ‘Los corredores se muestran bastante fatigados’. De beste rijders neutraliseren mekaar, en de anderen zijn blij als zij kunnen volgen .Het weer maakte de wegen van Extremadura nog erger. Geen spurt tussen 24 beslijkte mannen voor de zege, want op het einde wipt François Adam nog weg. Lage gemiddelde snelheid.
1. Adam 10.01.18 - 2. Bulla. op 55” - 3. G.Deloor - 4. Figueras - 5. Molinar

Rit 13. Caceres - Zamora ( 275 km) :
In de penultiema etapa gebeurt er toch een omwenteling. De beste Spanjaard in deze koers, Canardo lijdt kaderbreuk. Hij moet verder op een fiets van een toeschouwer. Weldra ligt hij 4 minuten achter. Zo komt, nabij de Portugese grens, Antonio Dignef terug op de tweede plaats, na Gustavo Deloor.
1. Molinar 10.12.48 - 2. G.Deloor - 3. Bulla - 4. Amberg - 5. Thallinger

Rit 14. Zamora - Madrid ( 250 km) :
Geen grote emoties tot in het dorpje San Raphael. Daar krijgt Toine een platte band. Dit gebeurt aan de voet van de Alto de Leon, die zowel de eerste als de laatste moeilijke col is van deze Vuelta 1935. Dat is een reden om aan te vallen voor Canardo. Hij gebruikt zijn laatste krachten.. Bulla en G.Deloor, in zijn wiel, worden in een zetel naar Madrid gebracht. Daar, in de stromende regen, wachten 60.000 Spanjaarden op de Casa del Campo op de renners van deze voor Spanje historische sportgebeurtenis, voor de hardste tot dan toe ingerichte wielerkoers in dat land. Madrid viert het feest van San Isidoro, haar patroonheilige. Enorm applaus voor de drie koplopers. Met een allerlaatste krachtinspanning wint Gustaaf Deloor ook nog deze rit. Op deze laatste dag echter is ‘el retraso de Dignef de mas de 10 minutos’ . Hij verliest zijn duel tegen Canardo, maar behoort voor altijd tot de beperkte groep van 29 sporthelden die in deze eerste Vuelta uitblonken, en vooral hij was de eerste ritwinnaar en eerste leider, van de eerste editie, van de nu zo belangrijke wielerkoers. Nooit hadden de overlevenden van de Vuelta ’35 kunnen geloven dat de rittenkoers die zij gereden hadden ooit zou kunnen uitgroeien tot een mega-evenement zoals dat nu in de Pro-Tour is geworden. Zo iets was ondenkbaar voor hen.

Laatste rituitslag : 15 mayo 1935.
1..Deloor 9.22.16 - 2. Canardo - 3.Bulla - 4. Amberg op 10’ 13” 5. Bachero

EINDKLASSEMENT BERGPRIJS . (10 cols)
1. Molinar (68) - 2. Barral (68) - 3. Amberg (51) - 4. Dignef (41) -
--------------------------------------------------------------------------------------------
1. Gustavo Deloor (B) 120 u 01 ‘ 02”
2. Mariano Canardo (SP) op 12’33”
3. Antoine Dignef (B) op 19’15”
4. Max Bulla (Oost) op 27’56”
5. Eduardo Molinar (I) op 28’54” CLASIFICACION VUELTA 1935
6. Alfons Deloor (B) op 46’32”
7. Paolo Bianchi (I) op 50’56”
8. Fernand Fayolle (F) op 52’03”
9. Walter Blattman (Zw) op 1u 08’ 07”
10. Marinus Valentijn (N) op 1u 08’ 51”
-----------------------------------------------------------------------------------------------

COMMENTAAR . Op de vreemde rijden de gebroeders Deloor nog beter dan in eigen land. Dignef, alhoewel ongelukkig derde, kwam zeer tevreden terug uit het land waar Mariano Canardo-Lacasta een afgod is. Gustaaf en Antoon deelden immers broederlijk alles. Met tienduizend pesetas elk kwamen zij naar huis. Het was waar dat aan het vertrek van deze Vuelta men had laten horen dat Canardo, reeds winnaar van 66 koersen, niet mocht en niet kon geklopt worden. Het was niet zo heel gemakkelijk een klinkende overwinning te gaan halen, vooral niet in Spanje, waar vreemdelingen, door omstandigheden, klimaat voedsel, gebrek aan taalkennis, minder kans hebben, en waar ook de gemoederen ophitsbaar zijn .
Van de populariteit welke Canardo genoot, kan men zich moeilijk een gedachte geven. Duizend opschriften CANARDO over de weg gespannen, nonnen en pastoors die voor Canardo bidden, in elk dorp een dozijn mannetjes met geschriften ter ere van ‘Canardo’ op een stok , zelfs een oude ezel met ‘ Canardo’ op zijn achterste geschilderd, huldegroeten voor ‘Canardo’ alom … en ook soms ‘ Dat de Belgen doodvallen … ! ’.
De Clingenaar Gust Deloor zag zijn populariteit evenwel crescendo gaan. Een dozijn politieagenten moest de winner te Madrid beschermen, en 5.000 geestdriftige Espagnolen waren opgesteld voor het hotel der Belgen. In het collectief geheugen van de Catalaanse wielerfans, via verhalen aan de bar met de tapas, zullen de namen Deloor en Dignef verder groeien, want zij waren de matadors die hun grote kampioen ‘ el mitica ciclista Canardo’ hadden gedreven tot op twee wielen nog nooit geziene prestaties.
-----------------------------------------------------------------------------------------------
Wat minder is geweten van Antoon Dignef, is dat hij tijdens de wintermaanden ging werken in de glasblazerij van Val St-Lambert. Anno 2006 zijn in de familie Dignef geen bewijzen meer te vinden van zijn mooie loopbaan als renner, maar toch wel aardige stukken cristal. Volgens zijn neef Johnny Linnekens, stichter van Haspengouw Sportief, mogen we die niet als dure kunstwerken beschouwen, maar wel als mooie souvenirs aan nonkel Toine.
---------------------------------------------------------------------------------------------
Sportief Haspengouw op twee wielen :
Omstreeks 1930 was de fiets populair en in ieders bereik. Hij was dan ook aanwezig in de Landense huishoudens. Voor jonge en oudere manspersonen, waarvan velen hun brood verdienden met fysieke arbeid, was fietsen een gewoonte. De opkomende jeugd, meestal op aangepaste tweehands tuigen, bevolkten onze straten met rijwielen. Een toeterende auto was een uitzondering. Paard en kar waren er nog altijd aanwezig. Zonder dat zij ooit aan sportcompetitie dachten, waren er toen bij ons honderden geoefende fietsers, die in 2 uren vlot 50 km konden aflleggen. Met zwermen reden de fietsers toen over onze wegen. Tussen al deze draaiende bewegingen viel weldra een klein maar stevig mannetje op. Hij werd door allen ‘ Pitteke’ genoemd. Zijn levensverhaal is dat van Antoon Dignef waard, ook al reed hij nooit Vietto los in de Estérel.
Altijd blijft in het collectief geheugen van de Landense sport de naam Albert Vanderoost present. Eigenaardig is dat niemand weet of hij als renner ooit wel een koers heeft gewonnen. Hij ook niet meer, want op de leeftijd van 91 gekomen, na trombose en 6 minuten hartstilstand, werkt zijn geheugen niet goed meer. Maar tijdens een rustige winternamiddag , genietend van een glaasje rode wijn, kon deze Nestor van onze sportmannen , ex-Luitenant van de Brandweer, Albert ‘ Pit’ Vanderoost, toch nog wel zijn verhaal goed brengen.

- Ik liep school in Ecole Mécanique de la Petite Industrie, te Luik, waar ik uitkwam als ‘graveur’ , iemand die voorbestemd was om pronkstukken voor de wapenindustrie af te werken. Ik leerde er ook boekhouding van de kleine onderneming. Mijn schooltijd was juist voorbij, toen het land in een diepe crisis was. Het rijke volk dat dure jachtgeweren bestelde, gaf plots geen duit meer uit voor de dure hobby die de jacht was. Ik startte daarom zelf een bedrijfje als loodgieter ( … zoals Frank Bomans in het feuilleton ‘Thuis’).
Ik nam mijn broer Sylvain in dienst, alsook Kamiel Mathieu uit Walshoutem. De opeenvolgende mobilisaties, de oorlog, dreven mij echter naar failliet. Ondertussen was ik een bekende Landenaar geworden, steeds werkend , tijdens vele organisaties in sport, handel, kermis, vrijwilligerswerk, e.a. die toen beweging brachten in onze stad. Toen de Landense Burgemeester Em. Moyaerts van mijn moeilijkheden hoorde, heeft hij me een functie bij de Landense Brandweer aangeboden.

0, ja, … drijven we weg van ons onderwerp ? – Toch zeker niet, want wie bewoont vandaag in de J. Ectorstraat , 34, het woonhuis van wijlen Antoon Dignef : Edith Vanderoost, dochter van Arthur .
Toch geeft ‘Pitteke’ zeker niet de indruk van een eeuwige supporter te zijn van Toine. Daar is volgens mij een zeer goede reden voor. Reporter LUC (Bangels) heeft het toen geschreven, met of zonder fouten, en gezegd, met of zonder veel Piedboeuf in zijn buik, dat er te Landen twee grote wielerkampioenen waren : ten eerste Toine Dignef, en ten tweede, Jef ‘Tis’ Onckelinx. In ieder geval had Luc Bangels toen altijd gelijk. Wat betreft Dignef , geeft een neutrale waarnemer in 2006 op internet aan dat hij nummer 20 was van de wereld tijdens 1935. Wanneer Dignef vertelde dat zijn leerling en trainingspartner Jef Tis, de klasse had om wereldkampioen te worden, dan nemen wij aan dat zo iets ook waar was. Maar, wie was dan van het velorijdend volk nummer drie hier te Landen ? Dat was dan toch ook zeker een zeer goede wielercrack, als het niveau 1935 zo hoog lag ?
De kleine Pit , een acrobaat op zijn velo met ‘pion fixe’ , had in de wegkoersen en op de velodrooms van Sint-Truiden en Waremme, bewezen van rap te zijn. In Café Paul Kostermans stapelden zijn bekers zich op . ‘Pol DeKeuster ‘ wedde op een dag dat ‘poulain’ Pitteke in staat was zoals Poeske Scherens ‘ sur place’ te doen gedurende 14 minuten. Deze recordpoging werd op vier tegels gehouden in Café Kostermans. Toen de kampioen van ‘achter de Statie’ dit lukte, voelden de sportmannen van ‘ aan de Kerk’ zich niet goed. Pitteke bewees ook, op het Stationsplein , dat hij al rijdend door zijn kader kon kruipen ( zoals een Kozak dat kan rond de buik van zijn paard). Hij kon ook trappen op of af rijden. In een koers ‘voor alle renners’ kwam hij eens van uit 38-ste positie nog bijna iedereen remonteren. Tijdens het opbouwen van de houten feeststent voor Kermis Sint-Norbertus reed hij op 2 m hoogte, op de 20 cm brede houten goot van deze tent, een volledige ronde. Zonder twijfel stond het toen vast dat tussen alle fietsende heren van Landen, er een fameuze beginneling was, een Sprinter met een grote S, een artiest voor de piste. Zo ontstonden er twee wielerclans te Landen .
In zijn school te Luik echter, tijdens een gesprek met de Directeur en zijn oudere zuster, kreeg rond die tijd Albert Vanderoost te horen dat het milieu waar hij maar al te graag in verbleef, niet paste met de omgeving waar hij als afgestudeerde vakman dure wapens zou moeten leveren. Ook zouden zijn armspieren door de felle trillingen op de kassien misvormd worden. Koersen was incompatibel met het rustige precisiewerk van graveur. Naast dit, zou ook volgende valstrik, Pitteke ten slotte doen inzien dat wielrennen geen vak voor hem zou zijn :
Fier als een pauw was hij, toen hij als nummer drie van Landen, werd uitgenodigd voor een training door Toine en Jef Tis, de plaatselijke toppers. De beentjes van beginneling Pitteke hadden alle moeite om beroepsrenner Dignef en klasbak Onckelinx te volgen tijdens die bewuste training. Toen Pitteke zijn tong al uitstak, met de kasseien van Vinalmont in ’t zicht, begonnen Toine en Jef Kis plots te rijden met gekruiste armen. Zo reden zij die straffe berg omhoog terwijl de kleine Vanderoost alles gaf en toch hopeloos, met bijna kapotspringend hart, moest passen. Ieder jaar, ook nog in 2006, gebeuren er zo ongelukken, wanneer getrainde wielertoeristen zwakkeren uitdagen tot onverantwoord competitief rijgedrag . Het gevolg was dat Pitteke, in zijn jonge eer gekrenkt, uitgelachen door de supporters van ‘aan de Kerk’, diezelfde week besloot van zijn koersfiets aan de haak te hangen. De valstrik was wellicht een idee van Bangels. Die man bouwde veel, doch heeft ook redelijk veel afgebroken, hij fixte immers alles. Er was een taart, maar die mocht maar verdeeld worden in twee, en niet in drie. De wielersport is een harde wereld. Veel moet er worden bewezen alvorens mee te mogen eten. Ruim zeventig jaar later, en met kennis van de wielersport, wil ik hieraan dit toevoegen. De jonge Arthur koos toen slechte partners en werd door zijn supporters van Café Paul Kostermans foutief begeleid. Met een profiel als dat van Pitteke, was er toen achter de Statie van ons allen een echte pistier aanwezig, zelfs een stayer. Deze jonge man was toen op zijn plaats geweest in de wielerwereld van de USA .Waarom heeft men in die tijd toch geen rondhaling gedaan om Pitteke een overtocht Antwerpen-New-York ( met de Red Star Line ) te betalen. Als helper, sparring-partner, van Gerard DeBaets zou deze Albert Vanderoost in Madison Square Garden in de zesdaagsen, alsook in de zomer achter de zware motoren op de velodrooms, waarschijnlijk zijn weg daar gemaakt hebben. Verder, als ‘graveur d’armes de chasse’, was hij in dat land ongetwijfeld een rijk man geworden.
Maar, Albert is steeds gelukkig geweest hier te Landen, als ons Pitteke van ‘Achter de Statie’ ( ex-voorzitter van het Feestcomité). Reeds 67 jaar is hij getrouwd met Blanche Gonthier, zijn eerste en enig lief, een Franstalige die zonder accent Landens spreekt. Zij wonen op ons Cuba, waar Pitteke de Pompier bekender is dan Fidel Castro op zijn Cuba.

(Opgesteld na notities, tijdens een intiem vraaggesprek met Albert Vanderoost en Blanche Gonthier , halfweg januari 2006)

FOTO FOTO

Pitteke traint “sur place” ! Georges Degline masseert Pit .

De sterke renner leeft nog, al zijn supporters en kameraden van toen zijn helaas reeds overleden, maar we mogen die mannen toch nooit vergeten.

Ja, ‘ Pitteke’ Vanderoost was minstens nummer 3.
---------------------------------------------------------------------------------------------

Maar wie denkt dat met A.Vanderoost , we alles verteld hebben over het wielertalent dat ‘achter de statie ‘ heeft gebloeid omstreeks 1935 , die gaat nu nog opkijken.

Geboren te Montenaken op 19 december 1914, en daar opgegroeid , kan deze oude sportman niet geklasseerd worden in het kader van onze studie over de Wielersport te Landen, omdat hij als Landenaar nooit heeft gekoerst. Toch is deze goede en joviale man echt een van de onzen.Wij hopen dat de komende werken aan de tunnel onder de spoorweglijn zijn oude dag niet zal verstoren, want deze ex-renner woont op nummer 1 van de Hannuitse Steenweg. Wij wensen dat hij van uit zijn zetel, door het venster, nog vele jaren gezellig naar de fietsers zal kunnen kijken die door de tunnel zullen gaan en komen.
Hij is zelfs nog enkele maanden ouder dan Pitteke en vertelt als de beste opa. Eén na één brengt hij met een zachte stem en met een nostalgische glimlach wielerverhalen.
- Mijn grootste souvenir is verbonden met Waasmont. De juniorskoers van 1935 liep er over een grote ronde die ging over Diest, Hasselt, St-Truiden. We reden daarna door Landen en de eindmeet bevond zich op een grote weide waar als finale vijf ronden dienden te worden afgelegd .
Voor de zoveelste maal had ik ruzie met Raymond Mazy (van Racour) die evenals ikzelf werd beschouwd als mogelijke winnaar van deze schone wegkoers. Acht vluchters hadden voorsprong genomen , Mazy deed weer niets anders dan wieltje-zuigen, en door hem geraakten wij met het peleton in een verloren positie. Nog voor de helft van de koers gaf Mazy op. Dat maakte me wat rustiger. Van uit Hasselt belde een berichtgever naar Waasmont dat de koers reeds was gereden omdat een lusteloos en lui peleton er met zeer veel achterstand was voorbij gekomen.
‘Mazy (toen kampioen van België op de piste) had de pijp aan Maarten gegeven, en die van Montenaken was echt niet in een goede dag ….’ . Waasmont zou dus 8 renners mogen verwachten om op de lokale piste (een weide waar koerspaarden trainden) te sprinten .
Ik voel mij wat beter en in de omgeving van Alken verlaat ik solo het peleton om met een goed tempo mijn situatie te verbeteren. Ik denk aan mijn lief die op de brug over de spoorweg zal staan om voor mij te supporteren. Ik plooi mijn jong lang lijf nog wat meer en verhoog mijn snelheid. Wat later kan ik mijn oren en ogen niet geloven , ik hoor mensen naar mij roepen. Een open camion rijdt achter mij, vol met Landense wielerliefhebbers die op houten banken zitten. Zij moedigen mij fel aan. Tijdens de lange beklimming van de Hespense Berg zie ik in de verte de kopgroep. Ik nader en heb ze weldra weer te pakken . Tijdens de doortocht van de Statiestraat moedigen vele Landenaren ons aan. Ik zet me aan de leiding . Als eerste rijd ik over de brug en mijn lief staat er ! Zij weet al dat ik zal winnen. Ik lach naar haar en vergeet even de lucht, die ik zo nodig heb, te nemen met mijn open mond. Plots worden mijn benen zwaar. Mijn hart gaat te snel en ik kom in ademnood. De 8 anderen rijden mij weer voorbij en ik kan nog amper aanklampen. Ik volg in laatste stelling. Wat nu komt is bijna onmogelijk, .. of kan alleen op weg naar Waasmont gebeuren . Aan Café ‘ In de Donkere Wolk …de Baas drinkt meer dan het volk ‘ verlaten de eersten de steenweg om naar rechts via de kasseien van de Walsbetse straat… maar dat is een wegvergissing !
Alléén ik blijf op de N283 doorrijden naar het Betse kerkhof toe … . De officials doen mij even vertragen, om de anderen te wachten. Dat is echt mijn geluk want in de bergop mag ik zo rustig recupereren. We draaien dus met 9 de Waasmontstraat in. Vanaf de boerderij ‘ de Molles’ begint de spurt bergaf, over de spoorweglijn. Ik ben kapot en kan niet meer tegen zoveel geweld. Mijn tegenstrevers pedaleren als gekken. Mijn pijp is uit, want tussen Alken en Landen had ik toch zo hard gereden. Ik ben weldra weer de allerlaatste. Maar het volk loopt over de weg en de spurtende renners zien niets meer, en rijden recht door. Dan daar, zie ik plots een opening en mensen die met de armen zwaaien. Ik draai dus naar rechts de weide op, zoals het daar werd voorzien door de Waasmontse organisatie. De anderen zijn weer verkeerd gereden. Ik zie mijn vele supporters . Zij worden helemaal zot. Wegens verkeerde berichtgeving, dachten zij dat ik niet meer in koers was. Ik vind weer krachten. Een paar renners naderen mij tijdens de vijf rondjes, maar ik ben de winnaar. Het is of alle Goden vandaag aan mijn kant stonden.
----------------------------------------------------------------------------------------------


De winnaar te Waasmont was niemand minder dan Achille Wagelmans, de voorzitter van de Landense Gepensioneerden. Hij had inderdaad vele talenten en koerste van 1930 tot 1936 , met onderbreking wegens legerdienst in 1934. Vanaf 1936 echter, begon hij te zoeken naar zekerheid in het leven, een vaste job, een echtgenote, toekomst. Hij vond dit te Landen bij Simone Reynaerts en in het grote Cockerill-Ougree, waar op basis van de kwaliteiten die hij als wielrenner had getoond, hij eerst werd aangeworven en later zeer gewaardeerd werd als meestergast voor de onderhoudsdienst van de fabriek. De liefde bracht deze jonge man uit Montenaken naar Landen. Hij geniet er ondertussen reeds 32 jaar van zijn pensioen.
----------------------------------------------------------------------------------------------
- SPROKKELS TIJDENS HET BEZOEK AAN ACHILLE. ( januari 2006 )

-Ik weet niet meer of Pitteke wel zo goed was, als steeds werd beweerd. In ieder geval, op de aarden piste van Borlo, werden er eens vijf premies van vijf frank gegeven door tandarts Delvaux van Montenaken . Ik won ze alle vijf. Pitteke reed ook mee.
-Tijdens mijn legerdienst bij de Eerste Cyclisten te Leopoldsburg lagen Adelin VanSimaeys en Robert Naeye op mijn kamer. Zij werden redelijke beroepsrenners. Ik was toen op de fiets zeker zo sterk als die mannen.
-Mijn eerste koers heb ik gewonnen te Lincent in 1930 . Ik won toen een horloge.
-Eind september 1933 deed ik mijn debuut in de klasse van de juniors in eigen Montenaken. Ik klopte er zuiver Desiron uit Attenhoven en Velaers uit Borlo, en wat men toen ook beweerde … ik had de koers niet gekocht ! Een wielerkenner uit Walsbets, bekend als Firmin van Bets, bleef jarenlang in bewondering voor mij na deze prestatie.
-Enige tijd na mijn zege te Waasmont, was het koers te Raatshoven. Ik trok de sprint van ver aan. Raymond Mazy en Emile Masson vochten mee. Ik zag hun schaduwen op het wegdek, maar zij gingen niet over mij. Zoals steeds was er weer ruzie. Ik kreeg te Racour zelfs mijn bloemen niet, want de supporters van Mazy waren rare kerels. Het toppunt was dat die rappe sprinter, met mij altijd ruzie maakte, en op dezelfde plaats steeds bezig was met het versieren van mijn eigen nicht Germaine. Het werd zelfs een echte grote liefde. Zij hebben lang het Sportcafé Mazy uitgebaat te Racour en kregen één zoon.

FOTO
Links, Achille, op de velodroom te Waremme, met een onbekende tegenstrever (met ster op de trui) .

Tijdens het interbellum, en zelfs eerder ( vanaf 1885), werd de fiets beschouwd als een strategisch middel voor militair gebruik. Zo levert de wapenindustrie, vaak gekoppeld aan de fietsindustrie, veel stevig materiaal om mobiele legereenheden uit te rusten.
De inbreng van de Cyclisten van de 3deCie tijdens de overwinning in ‘Slag der Zilveren Helmen’ te Halen op 12 augustus 1914 blijft een hoogtepunt in het verleden van het Belgisch Leger.
Achille Wagelmans deed in 1934 zijn legerdienst bij de prestigieuze 1ste Cyclisten van Leopoldsburg.

FOTO (ovaal)

De grote kerel links, in wapenuitrusting, is Achille.
Hij geeft acht, zelfs voor de fotograaf. Dit ziende, kunnen wij nu begrijpen waarom de Duitsers ons niet durfden aanvallen in 1935. Onze soldaten waren toen nog te sterk.

----------------------------------------------------------------------------------------------
ANTOON DIGNEF :

Na de behaalde 2de plaats in Parijs-Nizza en de 3de plaats in de Vuelta was Toine niet weg te denken uit de Belgische ploeg voor de TOUR 1935.

Hij werd dus aangeduid , maar kwam terecht tussen de 4 Individuelen , samen met François Neuville, Jules Lowie, en Sylveer Maes. Zie de renners die poseren naast de wagen. FOTO

Grote foto : Toine na een fietstochtje
tot Luik, voor het clublokaal van Pesant Club Liègeois.


------------------------------------------------------------------------------------------
(wordt vervolgd) :thumbs-up: :thumbs-up: :thumbs-up:

vanwinjp
22 februari 2006, 14:20
Schitterend tijdsbeeld.
Johan

BVB
22 februari 2006, 15:20
Ik heb dit ook met grote belangstelling gelezen.
Bestaat er een mogelijkheid de foto's, want die zijn er blijkbaar, mee op te laden?

Groeten
BVB

Jan Soens
23 februari 2006, 11:09
zeer graag gelezen - ik kijk al uit naar het vervolg
bedankt Journee

Jan

Tistaert
23 februari 2006, 22:55
Bedankt,

Veel informatie (en vooral achtergrondinformatie). :thumbs-up:
;) (grapje) Eigenlijk zou ieder lid dit eens moeten doen... ;)

Frascati55
25 februari 2006, 08:13
Ik kan me enkel aansluiten bij deze lovende woorden. Schitterend.